▲▲▲▲

OGB Design Indische
Harderwijkers
Welkom Laatste Nieuws KUMPULAN Foto en Film Muziek Familie Albums Onze Veteranen Toen en Nu ... Historie Indische Cultuur Boeken Sociale Media Sponsoren Links Onze Nieuwsbrief Pasar Malam 2017 Contact
Familie Albums

FAMILIE MARTENS


Najaar 1962 is de familie B.B. Martens van Nieuw-Guinea naar Nederland gekomen. Het gezin bestond toen uit vader, moeder en 5 jongens en 5 meisjes. De oudste zus was op Sarmi Nw. Guinea getrouwd en is met haar gezin naar Nederland gekomen. De 2 oudste meisjes gingen daarna met het vliegtuig naar Nederland en werden daar door een tante in Olst opgevangen. Iets later ging Ma met 5 jongens en 2 meisjes per DC 8 naar Nederland en ze werden opgevangen in de Willem de Zwijger kazerne in Wezep. En tenslotte kwam mijn vader als laatste naar Nederland.


Na enige tijd in Wezep verbleven te hebben zijn we denk ik voorjaar 1963 verhuisd naar de Tuinstraat 10 in Elburg. Hier waren we eindelijk weer bij elkaar en waren we dus weer compleet. Ook onze oudste zus kwam toen ook met haar 3 kinderen bij ons inwonen. Van 1963 weten we nog dat president Kennedy werd vermoord en dat Reinier Paping winnaar werd van de beroemdste aller elf-stedentochten, “de Hel van het Noorden”. Wij hebben deze strenge winter bewust meegemaakt en speelden heel lang buiten in de sneeuw. Het vroor toen heel hard en er viel heel veel sneeuw. We leerden in Elburg onze eerste Sint Maarten te lopen met een grote uitgeholde suikerbiet en sliepen voor het eerst op een boerderij op een verdieping boven de koeien met Wim Bisschop. Ook leerden wij van Henk Kolthoorn schaatsen op de gracht rond Elburg. Deze 2 kanjers waren de beste vrienden die je je maar kon wensen.


In het voorjaar van 1964 zijn wij verhuisd naar Harderwijk. Hier hadden onze ouders een oud voormalig dominee huis gekocht aan het Oranjepark, huisnummer 3. We hebben eerst op de zolder van het huis gewoond, want er moest nog zoveel aan verbouwd worden. Het aller belangrijkste was dat er, voor die tijd heel bijzonder, een CV installatie werd geïnstalleerd. Dan hadden wij in elke kamer een radiator die de kamer verwarmde. Deze CV had olie als brandstof , die uit een grote tank kwam die in de grond was begraven. Olie handelaar Visser kwam deze olietank geregeld vullen. In Harderwijk zijn ,op de 2 oudste zussen na, alle kinderen naar de Oranje Nassau school gegaan. De 2 oudste zussen bleven namelijk in Elburg op school. In Harderwijk werd de jongste van het gezin geboren. We waren toen dus met 11 kinderen. Later is onze oudste zus en haar kinderen op zichzelf gaan wonen.


Omdat wij een ander uiterlijk en kleur hadden, was het voor ons niet gemakkelijk om deze begin periode door te komen. Er werden toen veel racistische opmerkingen gemaakt. Maar gelukkig hadden we ook veel Nederlandse ( blanke) vrienden die ons verdedigden en goed opvingen. Onze moeder heeft ons het meest onder haar vleugels genomen en ervoor gezorgd dat wij niets tekort kwamen. Bij ons thuis werden we echter wel met harde hand opgevoed. We kunnen daar alleen maar dankbaar voor zijn omdat we zijn geworden wie we nu zijn. Om later miljonair te kunnen worden waren we allemaal begonnen met een krantenwijk bij meneer Driessen. Dit deden we in de vroege ochtend en in de late namiddag. Ook hielpen wij Dhr. Osinga met het plukken van aardbeien, frambozen, appels en peren. Ook een heel aardige familie die in het “Nachthok” woonden.


Toen wij oud genoeg waren en mochten gaan werken, hebben enkele van ons een baan gehad bij Ab Dragt in het Plate Service restaurant Flipper. Anderen hadden bij Fred Sluis op het strand van Harderwijk gewerkt. Onze vader is later voor het ministerie van CRM in Den Haag gaan werken. Dit kwam omdat er een wet werd aangenomen waardoor voormalige KNIL militairen en die in een Jappen kamp gevangen hadden gezeten, recht kregen op een uitkering. Deze wet werd ondergebracht bij de stichting Pelita. Uit ervaring kan ik vertellen , dat ik na thuiskomst van mijn werk en in het weekend, mijn vader door heel Overijssel, Gelderland, Drente, Groningen en Friesland heb gereden om ex KNIL militairen op te zoeken om hen een interview af te nemen.


Dankzij de uitkering van Pelita hebben nog vele ex KNIL militairen die al op leeftijd waren nog een laatste reis kunnen maken naar hun geboorte land. En dat was waar wij het voor deden. Mijn vader was namelijk ook een ex KNIL militair en heeft ook aan de beruchte spoorlijn gewerkt. Hij wist waarover deze mensen het hadden. Maar het hoge tempo, de grote werkdruk en het aanhoren van de schrijnende (na) oorlogse verhalen die mijn vader bij de Pelita inleverde, hebben hun tol geëist. Mijn vader, die nooit ziek was, kreeg een beroerte. Vanwege zijn gezondheid heeft mijn vader zijn werkzaamheden moeten staken en heeft hij ervoor gekozen om zijn laatste jaren in alle rust in Maleisië door te brengen. Hier is hij in het jaar 2000 overleden. Onze moeder is in het jaar 2002 in Harderwijk overleden. Alle broers en zusters hebben nu hun eigen weg gevonden. Zo woont er een in Enschede, Tenerife, Arnhem, Amersfoort, Dordrecht, Amstelveen, Lelystad en Zeewolde. De anderen zijn in Harderwijk blijven wonen.


We hebben om het jaar in het Pinksterweekend een familie reünie op een camping ergens in Nederland. Het is dan een dolle boel, met veel activiteiten. Hoe ouder hoe gekker, zeggen ze. Wel, dat gaat voor deze broers en zusters zeker op. De volgende reünie wordt door de winnende groep van de activiteiten georganiseerd. (Foto: Reünie 2010)


Klik op een foto voor een uitvergroting