▲▲▲▲

OGB Design Indische
Harderwijkers
Welkom Laatste Nieuws KUMPULAN Foto en Film Muziek Familie Albums Onze Veteranen Toen en Nu ... Historie Indische Cultuur Boeken Sociale Media Sponsoren Links Onze Nieuwsbrief Pasar Malam 2017 Contact
Familie Albums

FAMILIE CENTINO


OGB DesignDonna Centino is een vertegenwoordigster van de groep van Indische repatrianten die ‘spijtoptanten’ genoemd worden. Mensen die eerst hebben geprobeerd een bestaan op te bouwen in Indonesië, maar er uiteindelijk toch voor kozen om naar Nederland te komen. Donna is in 1963 in Soerabaja geboren en kwam in 1966, samen met haar broertje en ouders naar Nederland. De familie kwam stateloos in Nederland aan. Het Nederlanderschap verkregen ze pas later. Het gezin vond eerst onderdak in een pension in Zutphen en daarna in Kampen.


Donna’s vader, Rudy vond snel werk als monteur bij Samofa, een motorenfabriek in Harderwijk en de familie kreeg een flat aan de Vondellaan. De periode in het opvangcentrum heeft daarom niet zo lang geduurd. In Harderwijk werden de andere twee zusjes en broertje van Donna geboren. Omdat zijn diploma’s hier niet geldig waren moest Rudy Centino naar de avondschool om op de LTS zijn papieren opnieuw te halen. In Indonesië hadden ze het goed en werden de kinderen verzorgd door een baboe, maar in Nederland was het, zeker in het begin ‘sappelen.’


De voorzieningen die men als vluchteling had gekregen moesten allemaal worden terugbetaald. Donna heeft een ‘Indische’ opvoeding gehad. ‘Voor Indische meisjes, zeker als ze de oudste waren bestaat het leven uit verplichtingen’, zegt Donna. ‘Ik moest een voorbeeld zijn voor mijn broertjes en zusjes en voor de buurt en ik moest mijn moeder helpen en gehoorzaam zijn. In Nederland mochten we alleen Nederlands spreken, niet achterom kijken, dat was de lijn bij ons in huis’. Het eerste zusje dat in 1967 in Nederland werd geboren, Martha Jennifer, was meervoudig gehandicapt. ‘Dat was een groot verdriet voor mijn ouders. Voor mij betekende dat, dat ik vooral geen aandacht wilde vragen en zo onopvallend mogelijk aanwezig was.’ Ik kreeg van kleins af veel verantwoordelijkheid toebedeeld en mijn moeder kon me met haar ogen sturen.


OGB Design‘Er was een woud aan ongeschreven regels en verwachtingen waaraan ik moest voldoen, maar het lastige was dat ik het eigenlijk nooit goed kon doen. Je vulde iets in waarvan je niet precies wist hoe het werkelijk moest, dus dat bleef gissen. Er werd een strak pad uitgestippeld en daar had ik aan te voldoen. Na schooltijd mocht ik alleen in de tuin buiten spelen en ik werd altijd in de gaten gehouden. Als ik niet direct gehoorzaamde werden er harde sancties toegepast. Ik nam ook zelden iemand mee naar huis om te spelen omdat ik klaar moest staan en moest helpen. Gelukkig had ik een buurmeisje met wie ik soms kon spelen. Zelf voelde ik me vaak verantwoordelijk voor de harmonie in het gezin, maar ook als die harmonie ontbrak betrok ik dat vooral op mezelf. ‘Achteraf gezien heb ik mijn opvoeding als beklemmend ervaren. Als ik maar lief was en gehoorzaamde bleef mijn moeder dat ook, niet alleen voor mij, maar ook voor anderen. Was ik een beetje opstandig dan veranderde haar houding ook t.o.v. de overige familieleden en dan was het mijn schuld, zo heb ik dat altijd gevoeld en ervaren. Naar buiten toe moest ik natuurlijk altijd blijven lachen. Achteraf gezien heb ik geprobeerd het gedrag van mijn moeder te begrijpen. Door haar jeugd tijdens de oorlog en Bersiapperiode waren al haar zekerheden weggevallen. Haar familie vertrok naar Nederland en de toekomst in de Republiek Indonesië was hoogst onzeker. In Nederland aangekomen moest ze alles weer opbouwen en probeerde ze haar wereld bijna met geweld te beschermen. Het feit dat haar kind in een instelling moest worden opgenomen en het wantrouwen tegenover alles wat Nederlands was heeft dat nog versterkt. Angst om alles te verliezen moet de grondslag zijn geweest voor drang naar controle en beheersing. Die periode heeft bij haar wonden geslagen die nooit meer genezen zijn.


Ik ben met een lange vakantie terug geweest in Indonesië, terug naar mijn ‘roots’. Ik wilde graag dat mijn vader meeging, maar die was ernstig ziek geworden en mocht niet meer reizen. Hij is in 2003 overleden. Uiteindelijk ben ik in 2005, samen met een Indische vriendin naar Indonesië gegaan. De reis werd zowel een ontdekking als een openbaring. We hebben plaatsen bezocht die belangrijk waren voor mijn ouders en hebben onderweg bij familie gelogeerd. Het was mooi, maar ook heel confronterend. Het verschil tussen arm en rijk is schrijnend. We bezochten zowel familieleden die in welstand leefden als die het arm hadden en dat was niet altijd gemakkelijk. Mijn oudste nicht, bij wie we logeerden was rijk en leefde nog bijna volgens koloniale tradities, dat was heel bijzonder om te zien. Alles werd voor haar gedaan en voor ons als gasten was dat buitengewoon ‘luxe’. Moeilijker was het om met familieleden geconfronteerd te worden die op straat leefden en ook die hebben we ontmoet. Het bijzondere van deze reis was dat ik ervaren heb waar mijn wortels liggen.


Het verschil tussen Indonesië en Nederland is niet alleen geografisch enorm. Ik ga in mijn leven, voor mezelf en andere vrouwen, uit van eigenwaarde, zelfstandigheid en eigen verantwoordelijkheid, maar merkte bij mijn familie daar een opstelling waarin de vrouw afhankelijk is van de man. Hier zijn vrouwen meer geëmancipeerd, dat staat daar nog maar aan het begin. Ik voel me heel erg Indisch en ik zie er Indisch uit. Maar nu kan ik pas zeggen wie ik ben en wie ik wil zijn. Rationeel kon ik dat altijd wel maar het in de praktijk toepassen lukte nooit. Uiteindelijk hebben therapie en dru-yoga me verder gebracht en ben ik met mezelf in balans gekomen. Daarna ben ik de docentenopleiding gaan volgen en zelf yogadocent geworden. Ook het contact met de INOG, de Indische Naoorlogse Generatie heeft veel opgeleverd. Het was een lange reis, maar uiteindelijk ben ik er gekomen….



Ruud Centino, de vader van Donna werkte bij dieselmotorenfabriek Samofa.

Daar werd in 1981 deze foto gemaakt. van de medewerkers en de Japanse directie van het bedrijf.

V.l.n.r.: bovenste rij: Gerrit Boone, Cor de Vos, Leonick Henenkamp, Jan van de Brink, stagiare, stagiare.

2de rij: Frits Becht, Wilco Boonsta, Wieger van Zwolle, Arie Waardenburg, stagiare, Gijs van Oostrum,

Bertus Scholten

3de rij: Willem van Rheenen, Jan van den Os, Henk Jansen, Kees Mouw, Dick Wijnen, Elbert Hop, Jaap den Herder

4de rij: Hans Boon, Joke Schaftenaar, Rolf Bauer, Frank Reinders, Tony van de Bunte, Ruud Centino, Gerard Töpfer, Beerd Zuurveld, Piet Steffen, Wim Schutter, Jan Duitman, Marti Bijnen, Willem Wetters,

Onderste rij: Dicky Cageling,

Zittend Hideki Shrirashi, Hirobumi Otha, Hisao Kanomori, Theo van der Pas, Tokio Tsushiashi, Mitsuo Satoh.

Klik op een foto voor een uitvergroting